YTE II – Circulariteit moet je doen!

Afgelopen maand vond het 2e Young Thinkers Event plaats bij Centraal Museum in Utrecht. Dit keer georganiseerd door de Nederlandse Vlaamse Bouwfysica Vereniging (NVBV) en DGMR met als thema: circulariteit in de bouw. Drie sprekers belichtten vanuit hun eigen tak van sport hun visie op circulariteit.

Lars van der Meulen (Primum) startte de bijeenkomst met een presentatie over drijfveren voor en meetbaarheid van circulair bouwen. Vervolgens vertelde Kim Meulenbroeks (Renewi) over het recycling proces; van het hergebruik van delen van afvalproducten tot het verwerken van afval tot nieuwe grondstoffen. Daan Bruggink (Orga Architect) sloot af met een presentatie over Biophilic Architecture waarbij de natuur als inspiratiebron dient voor het ontwerp. Naast het belang van materiaal gebruik belichtte hij het belang van een goed ontwerp op welzijn en productiviteit. Lees hieronder de uitgebreide beschrijving van de presentaties en met een link naar de PDF.

Ter afsluiting vond een Lagerhuis discussie plaats, waarbij veel bezoekers het eens waren dat het mogelijk is circulairder te bouwen dan nu wordt gedaan. 100% is nog een grote opgave, maar het belangrijkste is dat de wil er is. Er blijkt consensus te zijn over het feit dat circulariteit een middel is om ons doel te bereiken, om te komen tot een milieuvriendelijkere economie. Echter wordt er verschillend gereageerd als het gaat om stimulans van circulariteit door de overheid in regelgeving. De één bestempelt dit als beperking van innovatie en de ander vindt dat de belasting op arbeid verlaagd moet worden. Wel is duidelijk dat opdrachtgever en bouwer elkaar moeten stimuleren en dat er door de markt meer prestatiegericht gewerkt moet worden.

Het event was wederom een groot succes. Bezoekers zijn aangezet om na te denken over hoe circulariteit moet worden geïntegreerd. Een duidelijke conclusie is dat we het moeten doen!

Lars van der Meulen van Primum beet het spits af door een drietal fraaie metaforen te presenteren over pioniers die hoge ogen wilden gooien – in de toen nog relatieve onbekende- atletiekwereld. Hij belichtte de drijfveren van de atleten captain Barclay, Louis Bennet en James Parrot en gaf aan dat zij zonder enige theoretische kennis de beoogde doelen haalden.

Binnen circulariteit is volgens Lars voor deze verhalen een parallel te maken. Namelijk, dat de atleten ervaring opdeden door te doen en niet gehinderd werden door ellenlange plannen. Nu wordt er veel over circulariteit gepraat, maar er moet ook mee worden gestart! Ook gaf Lars aan dat de tijd voorbij is dat men pronkt met het ‘meest duurzame project tot nu toe’. Er moet toegewerkt worden naar ‘duurzamere projecten van af nu’. De tijd van grote verhalen is voorbij en elke volgend project moet duurzamer.

Lars benoemde dat randverschijnselen publiciteit leveren, maar dat juist prestaties de geschiedenis in gaan. De focus moet liggen op de kern, niet op de aankleding. Meetbaarheid van circulariteit is een belangrijk onderdeel om de kwaliteit te toetsen en beloften na te komen. Als je met circulariteit aan de slag gaat, is het belangrijk zuiver te zijn in je beloften en moet duidelijkheid gegeven worden over wat niet lukt. Transparantie en onderbouwing zijn hierin essentieel.

Ook stelde Lars dat de verduurzaming in de bouw goed is, maar dat het zwaartepunt moet liggen op de onderdelen die de meeste impact hebben. Vervolgens illustreerde hij aan de hand van een aantal mooie projecten hoe hij als adviseur circulariteit als ontwerppijler hanteert.

Kim Meulenbroeks van Renewi introduceerde Renewi als fusie tussen Van Gansewinkel en Shanks. Het logo met de cirkel staat symbool voor het centrum van de circulaire economie. Met de slogan ‘Waste no More’ spreekt de overtuiging dat Renewi niet gelooft in afdanken en dat afval een grondstof is die kansen biedt. Renewi is wereldwijd actief en verwerkt onder andere afval afkomstig van commercie, dat een tweede leven bij Renewi krijgt. Zij lichtte toe dat in onze huidige lineaire economie slechts 9% van alle gebruikte grondstoffen door recycling worden teruggebracht in nieuwe producten. Volledig circulair produceren komt nog maar weinig voor. Om zoveel mogelijk de waarde van het product te behouden, is het slimmer om eerst de mogelijkheden van hergebruik, refurbishment en remanufacturing te onderzoeken.

Monostream is een afdeling van Renewi die nieuwe materialen ontwikkelt uit afvalstromen. Een innovatieve ontwikkeling is FORZ® granulaat, een duurzame, schone en veilige zand- en grindvervanger die wordt ingezet als bestratingsmateriaal. Uit 150 kg afval komt ongeveer 30 kg FORZ® granulaat, dat zo’n 20 duurzame tegels oplevert. De gehanteerde gerecyclede granulaten komen uit bodem assen, ballast grind en andere slakken. Goede alternatieven voor primair zand en grind. Uitstekend geschikt als toeslagmateriaal voor beton. De bindmiddelen uit geactiveerde minerale reststoffen zijn geschikt als volledige cementvervangers. Een andere innovatie is TopCrete®, dat wordt gemaakt van korte papiervezels die niet meer gerecycled kunnen worden. Met TopCrete® worden in de bouw belangrijke volumes cement vervangen. Renewi richt zich in de toekomst op maximale benutting van de functionaliteit: (meer behoud van waarde) door herbestemmen, en recyclen en met specifieke focus voor upcycling.

Daan Bruggink van Orga Architect, intrigeerde met zijn presentatie het publiek door in te gaan op de biologische cirkel van circulariteit. Vanuit zijn passie voor natuur vertelde Daan dat hij enkel ontwerpt vanuit de biobased filosofie, naar eigen zeggen vanuit de Circular Biophilic Architecture. Biophilisch ontwerp inspireert Daan door de intelligentie van de natuur, waardoor hij in staat is een materiaalefficiënt ontwerp te creëren. Ook leidt deze stroming tot een (directe of indirecte) implementatie van natuurlijk elementen in een ontwerp, dat grote voordelen heeft op de menselijke gezondheid, welzijn en productiviteit.

Er wordt geclaimd dat materialen of producten circulair zijn, maar de praktijk laat vaak zien dat dit een verlenging is van de lineaire economie, de recycle economy.

Aan de hand van het butterfly diagram van de Ellen MacArthur Foundation legde hij uit dat materialen uit de biologische cirkel géén aanvoer van (fossiele) grondstoffen nodig hebben en dat op deze manier het milieu minimaal wordt belast en er enkel gewerkt wordt met materialen die niet schadelijk zijn voor het binnenmilieu. Hij pleitte ervoor enkel grondstoffen te hanteren die te herwinnen zijn. Doordat we 90% van de tijds binnenshuis verblijven, is het van groot belang dat enkel materialen met een lage uitstoot van giftige stoffen worden toegepast.

Presentaties

Lars van der Meulen – Primum – DGMR YoungThinkers

Kim Meulenbroeks – Renewi DGMR – YoungThinkers

Daan Bruggink – ORGA Architect – DGMR YoungThinkers